|
Beste collega’s,
Ik hoop dat we in deze workshop morgen de uitgangspunten van ontwikkelingssamenwerking ter discussie kunnen stellen. Als we direct overgaan naar de praktische invulling van rollen, missen we misschien een centrale visie op wat Nederland aan ontwikkeling van andere gebieden kan en zou moeten en mogen bijdragen.
In navolging van Henk Hoefsloot wil ik daarom graag een gedachte aan jullie voorleggen: Ontwikkelingssamenwerking en Duurzame Handel geïntegreerd, dat lijkt me de toekomst.
Volgens mij heb je basishulp en lange termijn ontwikkelingssamenwerking. Hulp bij een ramp zoals een overstroming, orkaan, oorlog, etc. is basishulp, volgens mijn definitie. Er is een tekort aan van alles en er is medische en organisatorische hulp nodig. Het rijke buitenland kan dan helpen met noodvoorzieningen en wederopbouw.
En dan heb je lange termijn ontwikkelingssamenwerking. Dat gaat naar mijn mening eigenlijk om het nivelleren van ongelijkheid in de wereld. Het gaat om het verminderen van armoede onder mensen en daarmee samenhangende uitdagingen aanpakken als toegankelijke gezondheidszorg, onderwijs voor iedereen, gelijke rechten voor mannen en vrouwen. De millenniumdoelen, zal ik maar zeggen.
Hierbij word ik al wat ongemakkelijk. Mijn grote dilemma is: bedenken wij als ‘weldoeners' niet allerlei oplossingen vanuit onze Westerse kijk op het leven? Wie wil er nu ontwikkelen op deze manier, wij of zij? Willen we uit schuldgevoel of ongemak helpen, maar is dat wel onze taak? Die vraag is gerechtvaardigd omdat de meeste ideeën ten aanzien van ontwikkelingssamenwerking mooi zijn, maar de praktijk erg weerbarstig is. Wat is een multistakeholderaanpak, als de deelnemers vanuit ontwikkelingslanden duidelijk minder ervaren en georganiseerd zijn? Wat is ownership, als de revenuen daarvan terecht komen bij de sterkste clan van het land en niet bij de werkers?
Culturele en maatschappelijke omstandigheden staan vaker in de weg van ontwikkeling volgens Westers model, zoals wij dat graag zien, dan gebrek aan middelen. Daarom is capaciteitsopbouw zo'n toverwoord. Maar ook dat brengt niet altijd de gewenste uitkomsten. Net zoals bij duurzaamheid geldt voor ontwikkeling dat de wens om te ontwikkelen wel daadwerkelijk van binnen moet komen, en niet alleen moet voortkomen uit winstbejag. Maar goed, als je geen geld hebt, is geld om te overleven of om het iets beter te krijgen, gewoon een eerste prioriteit. Laten we eerlijk zijn, de verlichte gedachten komen voor de meeste van ons dan op de tweede plaats.
Daarom houd ik twijfels over de zinvolheid van de insteek van een flink aantal ontwikkelingsprojecten. Steeds duidelijker zie ik dat de enige Westerse rol die we daarin zouden mogen en moeten spelen ligt op het gebied van handel. Ik bedoel dan zowel het slechten van handelsbarrières als het stimuleren van ondernemerschap. Over dat eerste is al veel geschreven, dus beperk ik me even tot het stimuleren van ondernemerschap. Dat heeft veel voordelen. Ondernemerschap stimuleert denken en creativiteit. Het moedigt ambitie aan, beter willen zijn en tegelijkertijd samenwerking. Want samen ben je sterker en groter. Het draagt bij aan meer zelfvertrouwen.
Dat betekent ook dat ontwikkelingssamenwerking vanuit Nederland zoveel mogelijk in samenwerking met Westerse bedrijven moet plaatsvinden, binnen zakelijke kaders, gericht op ontwikkeling van ondernemerschap. Ik heb het idee dat Minister Koenders daar ook op inzet. En via het stimuleren van duurzame handel en ondernemerschap, kunnen we alsnog iets bijdragen aan verbetering van welvaart van mensen in ontwikkelingslanden. Waarbij we dan zo arrogant mogen zijn, om te proberen de fase van industrialisatie -die wij gehad hebben met alle gevolgen voor het welzijn van mens en milieu- te ontmoedigen.
Dus wat mij betreft:
• Basishulp okay.
• Ontwikkelingssamenwerking gericht op ‘verlichting' van mensen in ontwikkelingslanden beperken tot ‘evidence based'-aanpak.
• Ontwikkelingssamenwerking ombuigen naar Duurzame Handelsondersteuning.
Ik realiseer me dat ondernemerschap ook niet zaligmakend is. Maar daar waar meer mensen betrokken raken bij het in eigen handen nemen van hun leven, waar meer welvaart ontstaat, ontstaan krachten en verbanden die ook goed zijn voor minder bedeelden. En raken mensen uiteindelijk ook bevlogen om zichzelf te gaan opleiden. De Maslov-piramide in de praktijk, denk ik.
Graag praat ik hier morgen met jullie over door.
Met vriendelijke groet,
Jolein Baidenmann,
Duurzaam Karakter, adviesbureau op het gebied van Duurzaamheid, MVO en Vernieuwing.
|